‘Nooit in zijn jasje gegroeid’

 

“Welvarend is Zorgvlied niet”, vond de journalist van het Nieuwsblad van het Noorden die in juli 1960 ons dorp met een bezoek vereerde. Hij meende dat het ‘nooit in zijn jasje was gegroeid’. Terwijl Zorgvlied in zijn ogen rond 1900 ‘een grote toekomst tegemoet scheen te gaan’. Maar het dorp ontvolkte. “De kerk is veel te groot en er zijn geen kinderen om alle lokalen van de school te bezetten.” Niet dat het daarom slecht toeven was in Zorgvlied. “De dorpsgemeenschap is gezellig en ook actief”, schrijft hij.

De Groningse reporter zag wel mogelijkheden voor het toerisme zo vlak bij het Drents Friese Wold, maar die konden niet benut worden omdat er ‘veel te weinig voorzieningen’ waren. ‘Geen water, bijna geen elektriciteit’, stond er boven zijn stuk. Het is eigenlijk nauwelijks meer voor te stellen, maar zo’n vijftig jaar geleden was er geen waterleiding hier. Bovendien was het nog volkomen onzeker, wanneer die er zou komen. En in de naaste omgeving zoals in het Willemsveld, had men zelfs nog niet eens elektriciteit.

Een man die dat aan de lijve heeft ondervonden is Niek Eijbergen. Hij arriveerde in 1959 als twintiger met zijn vrouw Riek in Zorgvlied. Om te gaan boeren aan De Ruyter de Wildtlaan. Zeven koeien, drie kalfjes en een hond brachten ze mee uit Amersfoort, hun vorige woonplaats. Het bedrijf had geen aansluiting op het elektriciteitsnet en ook niet op de waterleiding. Daar keken hij en zijn vrouw nogal van op: “We dachten we zitten aan de straat, dat hebben we hier ook wel.” Vooral de gebrekkige watertoevoer was vervelend. De zomer van 1959 was erg droog. Met de uitspraak ‘de pomp doet het altijd’ hielden ze de moed er in. Voor het vee werd water aangevoerd in melkbussen.

Zonder elektriciteit moesten de dorpelingen zich behelpen met gaslampen, petroleumlampen en kaarsen. ‘Kaarsen in Wateren geven meer licht dan de gaslamp’, berichtte de Asser Courant in december 1960. Het tijdperk zonder elektriciteit liep daar toen overigens wel op zijn eind. Door de inspanningen van wethouder Bergsma besloot de gemeenteraad van Diever in 1960 om 39 woningen in Wateren aan te sluiten op het elektriciteitsnet. Dat zou vanaf 1961 gebeuren.

Volgens Eijbergen kwam bij hem de elektriciteit pas in 1963. Niet vanuit Drenthe, maar vanuit Leeuwarden, zo herinnert hij zich. Via laagspanningsnetten in eigendom van de provincie Groningen. Laagspanningsnetten kwam in november 1961 met het PEB-Friesland overeen om de bestaande verlichting over te nemen, waardoor het tevens mogelijk werd tot uitbreiding over te gaan, en Zorgvlied, Wateren en Oude Willem van elektriciteit te voorzien (Bron: Friese Koerier, 13 november 1961).

Zorgvlied was ook niet aangesloten op het gasnet, maar dat ervoer de familie Eijbergen minder als een probleem. Gas kon je in het dorp gewoon in flessen kopen. Op dat flessengas werd gekookt. Na de vondst van de gasbel in Slochteren kregen ook Zorgvlied, Wateren en Oude Willem aardgas en hoefde je daar de deur niet meer voor uit. Dat was zo rond 1964.

“De inwoners van Zorgvlied hopen, dat er spoedig een keer ten goede zal komen. Men wil graag in voorwaartse richting, opdat de kerk, de school en de andere gebouwen op de duur niet meer te groot zullen zijn.” Aldus nogmaals het Nieuwsblad van het Noorden in 1960 (een jaar waarin je als toerist voor 5 gulden per dag in Villa Nova kon verblijven!).

Die ’voorwaartse richting’ is er niet gekomen. In 1960 telde ons dorp 263 inwoners. Dat zijn er alleen maar minder geworden. Enkele tientallen om precies te zijn. En ook alle winkels en het café zijn verdwenen. Toch ‘vaart’ Zorgvlied ‘wel’. Wat daarvan het geheim is? Iets wat sinds 1960 onveranderd is: “De dorpsgemeenschap is gezellig en ook actief.”

Hans van Eeden (maart 2013)

(Op deze tekst is het auteursrecht van toepassing. Overname alleen met toestemming van www.dejuistetekst.nl)

 

Comments are closed