Het dorpswapen

wapen Zorgvlied

Het wapen van Zorgvlied dateert uit de tweede helft van de 19de eeuw. Het toont een tabaksplant en twee Andreaskruizen. De kruizen zijn overgenomen uit het wapen van de katholieke familie Verwer. Die familie zwaaide in die jaren de scepter in Zorgvlied. De twee kruizen staan waarschijnlijk symbool voor pater familias L.G. Verwer en zijn vrouw. Het Andreaskruis is het symbool van de Heilige Andreas. De katholieke parochie van Zorgvlied is naar deze heilige genoemd. De kleur paars van het wapen verwijst naar de kleur van de paus. De tabaksplant herinnert aan de tabak die eens in Zorgvlied werd verbouwd.

De oudste naam van het gebied rond Zorgvlied is waarschijnlijk Waethoeren (1493); later werd dit Wateren. Het gebied behoorde rond 1200 al tot het kerspel Diever. Van ongeveer 1300 tot 1820 was Wateren niet groter dan een zestal boerderijen met zo’n vijftig bewoners. Zij hielden koeien en vooral schapen. Wateren werd in 1820 eigendom van de Maatschappij van Weldadigheid. In 1823 liet de Maatschappij er het eerste Landbouwkundig Instituut van Nederland bouwen. Het stond op de plek naast de huidige katholieke kerk, waar nu vier bejaardenwoningen zijn. Op de school zaten gemiddeld zo’n zeventig leerlingen die werden opgeleid voor de hogere functies binnen de Maatschappij. Omdat de Maatschappij minder goed boerde dan verwacht, werden delen van het bezit verkocht. In 1860 kwam ook het gebied Wateren, inclusief de school (die toch wel wat ongunstig lag), onder de hamer.

De Amsterdammer J.F. de Ruijter de Wildt (nazaat van admiraal Michiel de Ruijter) kocht het onderdeel Klein Wateren – nu Zorgvlied. Aan hem dankt het tegenwoordige dorp zijn naam. De Ruijter de Wildt noemde zijn nieuw verworven landerijen namelijk Landgoed Zorgvlied. Het huis dat hij er in 1861/1862 op liet bouwen werd Huize Zorgvlied gedoopt. De Ruijter de Wildt nam de ontginning van het land daadkrachtig ter hand. “Drenthe mag er trotsch op zijn dat haar bodem in ’t zuidwesten door den ondernemingsgeest van een man als de Ruijter de Wildt, die daartoe moeite noch geld ontziet, in boschbouw- en weiland wordt herschapen”, aldus een tijdgenoot. De Ruijter de Wildt overleed in 1870 en ligt begraven in Boijl.

Zijn bezittingen werden verkocht aan F. Enger uit Arnhem. Hij zette de werkzaamheden van De Ruijter de Wildt voortvarend voort. “Het was niets bijzonders wanneer daar dagelijks driehonderd arbeiders uit de omgeving wekenlang werk vonden. Uitgestrekte bossen werden er aangelegd”, vertelt een geschrift uit die tijd. Enger vond kennelijk zijn draai niet in de streek, want in 1879 deed hij zijn landgoed al weer van de hand. Kopers waren de Friese advocaten en broers J. en L.G. Verwer, oorspronkelijk afkomstig uit Makkum.

L.G. Verwer stootte Zorgvlied op in de vaart der volkeren. Hij was een ondernemend man en stichtte in Zorgvlied onder meer een hypotheekbank, een tabaksfabriek en de katholieke parochie St. Andreas. Ook teelde hij chicorei en hop. Verder zette Verwer zuivelfabrieken op poten in Elsloo, Steggerda en Oosterwolde (waar de Verwersweg aan hem herinnert). Verwer liet voorts diverse statige panden neerzetten, waaronder het huidige hotel Villa Nova.

Rond 1900 was het aantal inwoners van Wateren/Zorgvlied tot ongeveer 85 mensen opgelopen. Er waren zo’n 25 huizen (bewoond en onbewoond). L.G. Verwer overleed in 1910 en ligt begraven op de katholieke begraafplaats van Zorgvlied. Zijn bezit raakte over verschillende kopers verspreid.

Hans van Eeden (mei 2013)

(Op deze tekst is het auteursrecht van toepassing. Overname alleen met toestemming van www.dejuistetekst.nl)

 

Comments are closed