Hoe Zorgvlied aan de A6 ontsnapte (1)

 

In de jaren zestig raakte Nederland in een stroomversnelling. Na de zuinige jaren vijftig haalde de regering de hand van de knip en kreeg de Nederlander wat meer te besteden. Het geld kon gaan rollen. Dat deed het ook letterlijk, want de verkeersdrukte nam enorm toe en daarmee de behoefte aan nieuwe snelle wegen. De bestuurders van het Noorden wilden maar wat graag mee met ‘de vooruitgang’. Al dat verkeer zou ongetwijfeld economische voorspoed brengen. En dus moest er een snelle verbinding tussen Groningen en Amsterdam komen.

Het lobbyen op het Binnenhof kon beginnen. De Noordelijke boodschap was simpel: verleng Rijksweg 6 (tegenwoordig A6) vanuit de IJsselmeerpolders naar Groningen of Leeuwarden. De ontwerpers van Rijkswaterstaat pakten het idee op, legden een lineaal op de kaart en trokken een nagenoeg rechte lijn tussen Groningen en Emmeloord. Het voorkeurstracé (Tracé A) liep vanuit de stad Groningen via grofweg Peize, Oosterwolde en Steenwijk. Bij Oosterwolde zou een ‘verkeersruit’ moeten komen, waar Rijksweg 6 zou aansluiten op de nieuwe Rijksweg 33 uit Assen. Het asfalt zou precies tussen Elsloo en Zorgvlied, en iets verder, tussen Noordwolde en Vledder komen te liggen. Vanaf Steenwijk boog de lijn iets naar links richting Emmeloord. Het verhaal gaat dat een grote Nederlandse oliemaatschappij het plan zo serieus nam, dat het bedrijf in de buurt al goedkoop land probeerde te kopen om tankstations te kunnen bouwen.

De aanleg van Rijksweg 6 startte begin jaren zestig. ‘Rijksweg nummer 6 kost drie miljoen per kilometer (gulden, HvE). Zeven miljoen m3 zand nodig’, kopte de Leeuwarder Courant eind mei 1963. Met al dat geld en zand zou dan alleen nog maar de eerste 33 kilometer vanuit Haarlem worden aangelegd. “Maar dat zal later aansluiten op de toekomstige verbinding door de IJsselmeerpolders via Muiderberg naar Lelystad, Emmeloord en Steenwijk, naar Friesland of Groningen”, wist de krant.

Daar leek het eind jaren zestig ook echt van te gaan te komen. De verlenging van de Rijksweg naar Groningen werd opgenomen in het Rijkswegenplan 1968. Een plan waarbij wegenbouwend Nederland de vingers kon aflikken. Maar liefst 1.900 kilometer rijksweg, in hoofdzaak meerbanige autosnelwegen, wilde de regering in de jaren zeventig en tachtig aanleggen. In het Noorden leidde het tot grote vreugde. De vlag ging uit!

Waren er dan helemaal geen protesten? Vast wel, maar in de kranten van die tijd heb ik ze niet gevonden. Het waren duidelijk andere tijden. Voor Rijkswaterstaat was het zelfs een aanbeveling dat de geplande snelweg natuurgebieden zou doorsnijden: “Tracé A zal tussen Steenwijk en Oosterwolde landschappelijk zeer aantrekkelijk zijn.” Ook konden automobilisten zich iets verder naar het Noorden verheugen op een blik op het ‘rustieke dorpje’ Roderesch, meldden de ontwerpers met gepaste trots.

Een tegengeluid klonk wel op 9 september 1969 in de rubriek De Vrijbuiter van het Dagblad van het Noorden, maar dat was ongetwijfeld satirisch bedoeld. Columnist Hans Kok zag niets in een snelle verbinding naar Amsterdam. Amsterdam zou niet naar Groningen komen, maar Groningen zou naar de hoofdstad gaan, vreesde hij: “Groningen zal ineenploffen als een ballon waarin een lek zit dat zo groot is dat je er niet tegen kunt pompen. Ik noemde al mijn idee van in Amsterdam op een gewone avond na het eten nog even naar de schouwburg gaan. Als veel mensen er zo over denken is de kans dat bijzondere producties nog naar Groningen gaan wel heel klein geworden.”

…wordt in januari 2014 vervolgd in ‘Hoe Zorgvlied aan de A6 ontsnapte (deel 2)’

Hans van Eeden (december 2013)

(Op deze tekst is het auteursrecht van toepassing. Overname alleen met toestemming van www.dejuistetekst.nl)

Geef een reactie